Badplaats in beeld

In Den Haag kan niemand er meer omheen. Na twaalf maanden Mondriaan dient een nieuw jubileumjaar zich aan: Feest aan Zee. In 2018 vieren we dat Scheveningen-bad 200 jaar bestaat. Een jaar vol tentoonstellingen, exposities, workshops en activiteiten rondom de zee. Maar bovenal: een jaar vol vertier, want dat is toch waar Scheveningen voor staat. Maar hoe begon dat eigenlijk, destijds in 1818? Hoe werd Scheveningen van vissersdorp aan zee een badplaats van allure? Daarvoor moeten we aankloppen bij Jacob Pronk, Schevenings reder en koopman die aan het begin van de 19e eeuw wel brood zag in een Hollandse badcultuur. Wat landen als Frankrijk en Engeland deden – florerende kuuroorden creëren voor de bon ton – dat moest Nederland toch ook kunnen? Den Haag had nota bene een gegoede burgerij en Scheveningen een prachtig strand. Het duurde ruim tien jaar voordat Pronk het gemeentebestuur had overtuigd, maar toen kwam het er eindelijk: het eerste badhuis van Scheveningen, in 1818. Een houten optrek in de duinen, met vier badkamers en enkele badkoetsen. Ver bij de haven vandaan, zodat de welgestelde badgasten zich niet onder het vissersvolk hoefden te begeven.

Badhuis van Jacob Pronk
Badhuis van Jacob Pronk. Tekening: Roelof van der Meulen

Het badhuis floreerde en dat legde de gemeente geen windeieren. Binnen twee jaar kreeg Pronk subsidie om zijn houten badhuis te vervangen door een stenen pand en een weg aan te leggen van het dorp naar zijn trekpleister. Intussen kwamen er steeds meer buitenlandse gasten. Dat was goed voor de inkomsten, maar er was wel één dilemma: er was nauwelijks overnachtingsmogelijkheid op Scheveningen. En zo gebeurde het dat de gemeente Den Haag nauwelijks tien jaar na de opening van het eerste badhuis Pronk al uitkocht en zélf een Stedelijk Badhuis annex hotel bouwde op de plek waar nu het Kurhaus staat: het Grand Hôtel des Bains.


Stedelijk Badhuis. Gravure

Dit Stedelijk Badhuis bleef ongeveer 60 jaar bestaan, totdat ook dit niet meer voldeed aan de eisen van het mondaine, internationale publiek dat er in de zomermaanden vertoefde. Groter en luxer moest het en dus werd rond het fin de siècle het eerste ontwerp van het Kurhaus gemaakt. Groots, chic en spectaculair verrees het in 1885 op de plek van het Stedelijk Badhuis. Het stond er nauwelijks een jaar of het werd door een grote brand totaal verwoest. Binnen een jaar werd echter een nieuw Kurhaus uit de grond gestampt en ging Scheveningen zijn meest glorieuze jaren ooit tegemoet.

Kurhaus 1885
Ontwerp van het Kurhaus. Tekening E.E.J. Tjeenk Willink

En dan zijn we met een grote sprong meer dan 100 jaar verder en is Scheveningen nog steeds de bekendste badplaats van Nederland. Niet meer zo statig en deftig als een eeuw geleden, maar nog steeds een strand van naam en faam. En wat is bij een badplaats met zó’n rijke historie nu leuker dan ook eens het hedendaagse strandleven vast te leggen? En dan ken ik toevallig ook nog een fotograaf die dat heeft gedaan 🙂 Op heel verrassende wijze. Met trots presenteer ik hierbij mijn eerste fotoboek: ‘Scheveningen – Badplaats in beeld‘. Vanaf eind maart te koop in de Haagse boekhandels en nu al te reserveren via mijn website!

Boek Scheveningen Badplaats in beeld
Cover van het fotoboek ‘Scheveningen – Badplaats in beeld’

Hippe historie

‘Haagse historie is HIP’, kopten onlangs vrijwel alle Haagse kranten. Nu is naar mijn idee de Haagse geschiedenis nooit saai geweest, met graven, stadhouders, prinsen, koningen en politici als residenten (o ja, natuurlijk niet te vergeten het klootjesvolk). Maar deze kop prikkelde toch genoeg om verder te lezen. Wat blijkt: Den Haag heeft sinds kort een vijftal HIP’s, Historische Informatie Punten én een nieuwe website: haagsehistorie.nl. De HIP’s zijn gevestigd in bibliotheken en willen Hagenaars en Hagenezen op een laagdrempelige manier in aanraking brengen met hun eigen geschiedenis, in het bijzonder die van hun wijk. Twintig lokale historische verenigingen hebben hun krachten ervoor gebundeld, en binnenkort verschijnt een nieuw historisch magazine.

Toeval of niet, maar sinds kort ligt er in de Haagse boekwinkels ook een interessant boekje: De kleine Geschiedenis van Den Haag voor Dummies. Reuzehandig voor wie zich zojuist voorgenomen had mee te doen aan het volgende seizoen van Van alle tijden, met specialisatie het Haagse Hof of wie al langer een bezoekje aan boekhandel Van Stockum aan het Spui overwoog. De auteur van het klein-maar-fijne dummieboekje is daar namelijk werkzaam en beslist bereid zijn geesteskind voâh jâh te signere.

Over interessante Haagse boekjes gesproken. Voor wie op dit moment zijn welverdiende zonvakantie aan het boeken is en niet te ver van huis wil, heb ik nog een puike tip. Reisgids Binnenhof van satirisch magazine De Speld. Met een constante temperatuur van 20 graden Celsius, elke dag gratis theater, een zwembad voor de deur, een rijke architectuur, een dynamische geschiedenis en niet te vergeten ruim 16 kilometer aan wandelpaden en luxe zetels om daarna de benen te strekken, is er toch nauwelijks een idealer reisbestemming voorhanden? Wel snel boeken, want het complex gaat vanaf 2020 ruim 5 jaar dicht. Kun je nog mooi even geschiedenis schrijven.

 De Speld Reisgids Binnenhof
Foto: omslag reisgids Binnenhof