Pakketje

Voor wie vond dat de webwinkels van bol.com, Coolblue, Wehkamp of Alibaba nog niet genoeg assortiment hadden, was het vandaag een heuglijke dag: het Amerikaanse Amazon, de grootste online reus ter wereld, opende een Nederlands filiaal, of beter gezegd: een Nederlandse website: www.amazon.nl. Volgens een woordvoerder had het bedrijf een ‘bescheiden’ start gemaakt op Hollandse bodem: een eerste assortiment van honderd miljoen producten. HONDERD MILJOEN!! Ik kan me daar totaal niets bij voorstellen. Maar ik was ook niet degene die vanochtend een gat in de lucht sprong bij het horen van het nieuws. Sterker: het enige wat ik dacht was: o lieve god, nóg meer ellende met al die pakketjes! Pakketjes zijn namelijk OM TE HUILEN. Nederland winkelt massaal digitaal. Er komen dus ook steeds meer bedrijven die die pakketjes moeten bezorgen. Dan zou je verwachten dat door enige marktwerking de consument er uiteindelijk beter van wordt. Maar het tegenovergestelde is waar: de wereld van de pakketbezorging is beland in de overtreffende trap van hopeloos. Het onderzoeksprogramma Rambam had er pas nog een item over, waarin geïnterviewden vertelden dat ze sinds kort hun spullen maar weer in ‘gewone’ winkels kochten, omdat ze dan zeker wisten dat ze het op tijd zouden hebben. Het gaat gewoon zó vaak mis, dat je denkt: hoe kan dit?

Beeld: Jip van den Toorn
Beeld: Jip van den Toorn

Zo bestelde ik pas een ingelijste foto bij een goed fotolab. Een lab waarvan ik verwachtte dat ze met een betrouwbare bezorgdienst samenwerkten. Vervolgens kreeg ik bericht dat mijn pakket op een vrijdag tussen 8:00 en 18:00 uur bezorgd zou worden. Een marge van 10 uur? De hele dag thuisblijven voor 1 pakketje? Natuurlijk weigerde ik dat. En zo stond de pakketbezorger aan de deur terwijl ik net de laatste desinfecterende handzeep bij het Kruidvat uit de schappen rukte. Kaartje in de bus. Nieuwe bezorgafspraak maken. Code intypen, wat bleek: ik kon alleen maar mailen voor een nieuwe afspraak. Mailen? Ik moest daarbij ook het nummer dat op het kaartje stond vermelden, anders kon mijn verzoek niet in behandeling worden genomen. Nummer op kaartje? Ah, die twaalf lege hokjes bedoel je. Lang verhaal kort: na drie dagen nog steeds geen reactie op de mail, stoom uit mijn oren, en dan opeens een dag later vanuit het niets een bezorger aan de deur met het pakket. En dit is geen uitzondering, iedereen weet het: dit is regel! Bij andere bedrijven gaat het net zo bedroevend. PostNL leverde dit jaar mijn kerstkaarten rond Carnaval en zorgt er nog bijna dagelijks voor dat de groepsapp van onze straat explodeert: bij wie is een pakketje van de HEMA bezorgd? wie heeft een pakje voor huisnummer 23 aangenomen? Er wordt van alles bij buren achtergelaten, maar er worden – serieus – geen kaartjes meer door brievenbussen gedaan (teveel werk), waardoor het voor de ontvanger een raadsel is waar zijn pakket is gebleven.

Goed, terug naar Amazon. Zit ik te wachten op een nieuwe online gigant? Op meer dan 30.000 sportschoenen en 50.000 telefoonhoesjes? Het antwoord is nee. Wat ik wél graag zou zien is een nieuw fysiek warenhuis dat het wel goed aanpakt op de Nederlandse markt. Een plek waar je je welkom voelt, waar klantbeleving centraal staat, met leuke barretjes en hoekjes verspreid over de winkel, met proeverijen, met exposities van lokale kunstenaars, met live muziek, met servicegerichtheid. Met warme paskamers zonder stof op de grond en beeldschermen waar je eenvoudig iets in een andere kleur of maat kan bestellen. Een plek waar je graag komt en terugkomt. Hoe moeilijk kan het zijn?
Maar goed, ik ben de beroerdste niet, en ik wens Amazon natuurlijk heel veel succes met de verovering van de Nederlandse markt. Eén ding hebben ze in ieder geval mee: timing. Half Nederland zit in quarantaine en mag de deur niet uit. Ping ping in de kassa van de webwinkel. En die bezorgdienst: dikke tien natuurlijk, iedereen zomaar thuis. Wat zegt u? Coronacomplotje?

Tripje

We hoeven niet meer naar de kliffen van Dover of het strand van Calais. Een tripje naar Scheveningen volstaat voortaan in februari, waar eerst Ciara en Dennis onze haren deden wapperen en nu een Ellen, Francis en Gerda al weer in het vooruitzicht liggen. Komende weken maar even geen menigtes opzoeken, maar lekker uitwaaien op dat lege strand.





 

 

Jaar van de rat

Volle bak vandaag in Chinatown Den Haag op de eerste dag van het Chinese nieuwjaar. Het jaar van de rat, het eerste teken uit de Chinese dierenriem, werd groots en feestelijk gevierd, ondanks het wereldwijd sluimerende coronavirus. In het centrum konden bezoekers genieten van drakendansen en leeuwendansen, bedoeld om boze geesten te verjagen en voorspoed en geluk op te roepen. In het stadhuis waren heel de dag door optredens van diverse Chinese en Nederlandse artiesten, waaronder het populaire OG3NE. En de zakenwereld kreeg een podium om weer eens vriendschaps- en handelsbanden aan te halen. Dat dat niet altijd even makkelijk is, bleek wel toen een Nederlandse voorzitter van een internationale organisatie zijn speech begon met: “China dreigt vandaag de dag…. pardon: …lijkt vandaag de dag de grootste economische speler ter wereld te zijn.” Hopelijk hebben de Chinezen een beetje humor en konden ze erom lachen. Feest vieren kunnen ze in ieder geval buitengewoon goed!


Woeste leeuwen in de optocht door de stad


Rode envelopjes en geld om elkaar geluk te wensen


De stoet trekt van stadhuis naar het Plein en weer terug


Drakendans op het Plein


Groepsportret


Aan belangstelling geen gebrek


Laatste etappe van de drakendans door de stad


Volle bak in het stadhuis


Offerwaren


Een symbolische leeuwendans onder de poort van Chinatown

Dit was 2019

Het is weer die tijd van het jaar waarin ik traditiegetrouw terugkijk op de afgelopen maanden. Een goede gelegenheid om weer eens door mijn fotoarchief te speuren en te zien wat 2019 allemaal heeft gebracht. En eveneens een buitengewoon goede gelegenheid de bezem door dat archief te halen, want na 365 dagen fotograferen vind ik altijd dat ik ook ongelooflijk veel slechte foto’s heb gemaakt. Wat overigens een goed teken is, want dat betekent dat ik fotografisch weer een stap verder ben gekomen.

Het jaar 2019 was het jaar van reuring in eigen stad en daarmee ook mijn groeiende interesse in fotojournalistiek. Ik was aanwezig bij vier grote landelijke protesten op het Malieveld, met de boerenacties als hoogtepunt. Maar ik was ook nauw betrokken bij al het wel (maar vooral wee) rondom het uit de hand gelopen Vreugdevuur. Ik fotografeerde de nacht dat het mis ging, en bleef de afloop – die lang op zich liet wachten – volgen met de camera. Van de heftige rellen in Duindorp tot en met de symbolische crematie van het vuur. Het leidde uiteindelijk tot een serie die ik heb ingestuurd voor de Zilveren Camera.

Vreugdevuur serie

Het was ook het jaar dat ik 60 (!) keer naar Scheveningen ben geweest. Soms alleen, vaak ook met anderen, om verder te fotograferen voor exposities. Dat hou je alleen maar vol als je er lol in hebt. En dat plezier is terug te horen in de podcast die Annette van Soest afgelopen zomer maakte met mij en Giedo van der Zwan voor onze gezamenlijke tentoonstelling in het Atrium van het Haagse stadhuis. En nu staat de volgende expositie alweer in de planning: en groepstentoonstelling in museum Panorama Mesdag, met Merel Schoneveld, Mirjam Rosa en opnieuw Giedo van der Zwan. De aankondiging staat sinds kort online!


Op het strand met Giedo en Annettte

Na een vol jaar historisch festijn in 2018, was het dit jaar overigens wel wat rustiger op Scheveningen. Maar fotografisch niet getreurd, want onder andere Sail in juni, tropische temperaturen in juli, zomerstormen in augustus en een grootscheeps kustonderhoud door Rijkswaterstaat in het najaar zorgden voor veel interessante beelden.

Scheveningen zomer

Het was ook het jaar waarin ik oprecht worstelde met de keerzijde van veel kunnen in de fotografie; als je de professionele kant op wilt, zul je je enigszins moeten specialiseren omdat opdrachtgevers willen weten wat jou uniek maakt. Maar hoe doe je dat als je een alleseter bent en het liefst wekelijks nieuwe stijlen en technieken uitprobeert? Ik heb het antwoord nog niet gevonden, maar merk wel dat ik door seriematiger te werken meer grip op mijn vaak chaotisch creatieve brein krijg. Zo volgde ik een werkgroep autonome fotografie bij fotoschool Statief en maakte ik daarvoor uiteindelijk een serie intuïtieve straatfoto’s waarin kleur, vorm en abstractie de hoofdrol speelden. Een selectie daarvan werd gepubliceerd in fotografietijdschrift ‘Focus’ en twee foto’s uit de reeks waren te zien op een groepsexpositie in Delft van het fotografencollectief ‘Streeteye’.

Ook begon ik aan de meer poëtische reeks ‘Pieces of me‘, een persoonlijke zoektocht naar wat mij nu raakt in beeld. Daarnaast bleef ik documentaire series maken, waaronder van de vele protesten in Den Haag, en rondde ik de serie ‘Hier voel ik mij thuis‘ af, die ik maakte voor pleegzorginstantie Jeugdformaat. En omdat fotografie vooral ook experiment is, organiseerde ik dit jaar met collega’s een wedstrijdje wie de spannendste foto’s van het saaiste trappenhuis van Den Haag kon maken. Voor de liefhebbers hierbij mijn bijdrage.

Tot slot: ik ben in december gestopt met mijn vaste baan bij de overheid. Tijd voor pas op de plaats en bezinning in plaats van altijd achter de feiten aan te hollen, wat ik de laatste jaren deed. Maar één ding mis ik nu toch wel: mijn dagelijkse lunchrondje langs het Malieveld. Want wat moet dat prachtige, unieke stukje Den Haag nu zonder mij? Dus: boeren, bouwers, tuinders, leraren, verplegers, klimaatstakers en alle anderen: kom gerust terug in 2020. Uw huisfotograaf staat voor u klaar!

Malieveld met wolken

 

Frisse start

Na een zeer bewogen jaar had Den Haag wel even behoefte aan een frisse start. Tijd om alle marsen, protesten, stakingen, rellen, branden en schandalen weg te spoelen met een stevige plens ijskoud zeewater. Onder een bewolkte hemel met een gevoelstemperatuur rond het vriespunt stonden vanochtend weer 10.000 bikkels klaar voor de traditionele Scheveningse nieuwjaarsduik. Verleden jaar ging de start niet van een leien dakje. Vandaag daverden om klokslag twaalf uur duizenden renners perfect synchroon het water in. Iedere keer weer een machtig schouwspel voor de fotografen. Een kudde wilde bizons die op je af komt stuiven en op het nippertje langs je heen dendert. Een stevig applaus voor alle dappere dodo’s. En een heel gelukkig 2020 voor iedereen!









Crematie

Het Vreugdevuur, met een hoofdletter, is niet meer. Vanmiddag om 14.00 uur is het, na een minuut stilte, officieel gecremeerd op het strand van Duindorp. Diverse wijken in Den Haag en omgeving rouwen. En Duindorp en Scheveningen net iets meer, omdat zij patent hadden op de grootste vreugdevuren ter wereld. Niet meer. Nooit meer.
Een waardig einde moest er komen, vonden de organisatoren van de vuren. En zo geschiedde. Er werd een rouwkaart gedrukt en online verspreid. “Brand in vrede, Vreugdevuur”.
Onder een waterig zonnetje was er een mooie opkomst, over de 500 man. De grafkist, die in rouwstoet vanuit Delft in Duindorp was aangekomen, werd door een haag van fakkels naar het strand gereden. Bedekt met een groot aantal boeketten en omringd door alle aanwezigen, stemmig in zwart gekleed, werd hij vervolgens in brand gestoken. Een goede sfeer – de politie bleef op afstand – en een mengeling van joligheid en bedrukking tekenden de plechtigheid. Na afloop was er gelegenheid tot condoleren. Koffie en cake niet inbegrepen. Saamhorigheid wel.









Niemandsland

De beste stukjes stad zijn de stukjes stad in ontwikkeling. Ik kom heel graag op het Zuiderstrand en aan de flank van Duindorp, op het voormalig Norfolk-terrein. Jarenlang is het een prachtig stuk niemandsland geweest, noch stad, noch strand, maar iets volledig ontastbaars ertussenin. Een geweldig struinterrein waar bloei en verval elkaar versterkten. Waar je kon rondscharrelen langs verborgen strandjes, oude kades en verroeste steigers om trappetjes op en af, kruip door sluip door weer in de bewoonde wereld uit te komen. Het kan nog steeds, maar de veranderingen gaan hard. De eerste nieuwbouwwijk op deze dure gemeentegrond is al volledig opgeleverd: New Norfolk, langs de Houtrustweg. Voor dit project veel sociale huurwoningen, in balans met de koopkracht van de omliggende wijken. Maar voor het volgende project, De Zuid, pal achter de duinen, zal een stuk dieper in de buidel getast moeten worden. Wie voor een appartement van 88 m² meer dan 5 ton kan neertellen, mag wel een leuk erfenisje achter de hand hebben. Groter kan trouwens ook. De penthouses gaan tot 222 m². De helft van alle woningen is al verkocht en de bouwwerkzaamheden zijn in volle gang. Het Zuiderstrandtheater, op de kop van het terrein, is inmiddels volledig ingebouwd. Snel dus maar een fotorondje voor ook dit stukje Den Haag straks onherkenbaar veranderd zal zijn.

De Zuid in aanbouw bij Zuiderstrandtheater
Bouwwerkzaamheden vlak voor de entree van het Zuiderstrandtheater.

De Zuid in aanbouw Zuiderstrand
Op het voormalige Norfolk-terrein wordt gebouwd aan nieuwbouwproject De Zuid.

Bouwwerkzaamheden bij Zuiderstrandtheater
Werk in uitvoering. Op de parkeerplaats van het Zuiderstrandtheater.

Bouwwerkzaamheden bij Zuiderstrandtheater
Bereikbaarheid met bus en grijpwagen gegarandeerd.

Parkeerplaats Zuiderstrandtheater
Kranen overal. Busstop van bus 28 naar het Zuiderstrand.

Scapino ballet bus bij Zuiderstrandtheater
De voorstellingen in het theater gaan gewoon door. Scapino ballet levert materieel.

Nieuwbouw Zeezicht aan Hellingweg
Nog een nieuw project: Zeezicht aan de Hellingweg wordt 40 meter hoog.

Aalscholvers op voormalig Norfolk terrein Scheveningen
Aalscholvers bij de Voorhaven, links de visafslag.

Oudbouw en nieuwbouw samen op Norfolkterrein
Oudbouw en nieuwbouw vermengen zich aan de Kranenburgweg.

Werkzaamheden Houtrustweg bij Duindorp
Herinrichting van de Houtrustweg, rechts de woningen van Duindorp.

Inntel Hotel in aanbouw Scheveningen
Het strand is nooit ver. Het volgende nieuwbouwproject evenmin. Een hotel verrijst op de kop van het Noordelijk Havenhoofd.

Meer informatie over de bouwprojecten in Scheveningen Haven? De gemeente Den Haag heeft alles op een rij gezet met een mooi kaartje.

Duur betaald

Het leek wel of alle Nederlandse media gisteren maar over één ding konden berichten. De rellen in Duindorp, en de vreugdevuren die definitief door het gemeentebestuur waren afgeblazen. Opeens waren alle ogen op deze Haagse volkswijk gericht en had iedereen er een mening over. In het dorp was het al een aantal dagen onrustig nadat de organisatie van het Duindorpse vreugdevuur had besloten de stekker uit het evenement te trekken. Reden: gebrek aan hulp van de gemeente om de benodigde vergunning alsnog rond te krijgen. Maandagavond escaleerde het met diverse vuurwerkbrandjes en vernielingen in het eigen dorp. De ME moest ingezet worden en er werden twaalf aanhoudingen verricht.

Dinsdagochtend neem ik een kijkje in de wijk. Het is heel rustig in de straten. Zo rustig dat een verslaggever van de Telegraaf moeite heeft bewoners te interviewen. En wie wordt aangesproken is niet altijd happig op de microfoon. Duindorpers zien de pers liever verdwijnen dan verschijnen. Ze worden geassocieerd met het bevoegd gezag en vertellen niet altijd de waarheid. Er hangt nog een stevige brandlucht in de wijk en de onrustige avond resoneert in de honderden glasscherven bij het bushokje op het Tesselseplein. Ook de al langer leegstaande snackcar aan de rand van de duinen biedt een trieste aanblik. Die was al een avond eerder in brand gestoken.

In de namiddag kom ik terug. De bezem is door het dorp gehaald, het glas opgeruimd en het vernielde straatmeubilair met linten afgezet. Het is tegen etenstijd en inmiddels wat drukker in het dorp. Ik doe mijn boodschappen bij de Hoogvliet op het buurtpleintje en het gespreksonderwerp laat zich niet moeilijk raden. Bij de broodafdeling: “Heb je het al gehoord van die van hierachter? Die wordt morgen voorgeleid; hij heeft een rechercheur belaagd. Hij had pas nog bij de marechaussee gesolliciteerd. Nou, dat kan-ie op z’n buik schrijven.” En bij de versafdeling: “Vanavond gaat het helemaal los. Ik hoorde dat er ook allemaal gasten van Ado komen en uit Delft. Ze zullen de wijk wel afsluiten.”

De wijk wordt in de avond inderdaad afgesloten voor verkeer, maar te voet kun je er gewoon in. Er hangt een vreemde stilte als ik er rond acht uur een rondje loop. Op bijna elke hoek staat een politiebusje, maar er is vrijwel niemand op straat. Het voelt als sperrgebiet. Verspreid over de wijk hangen groepjes rond, in het zwart gekleed met mutsen en hoodies. Een enkeling onherkenbaar met sjaal voor de mond. Af en toe laat iemand z’n hond uit of steekt een bewoner zijn hoofd om de hoek van de deur. De enige pers die ik spot heeft zich verzameld bij de Houtrustweg, buiten het dorp. Ik zie niemand in de straten zelf, of ze zijn incognito. Ook ik ben me bewust van mijn positie en trek mijn eveneens zwarte muts wat verder over mijn hoofd. Ik zorg dat de camera niet zichtbaar is en dat ik niet te lang op één plek blijf staan. Als ik het toch niet kan laten om voor de tweede keer door de Pluvierstraat te lopen waar kleine brandjes woeden, word ik direct met mijn neus op de feiten gedrukt. “Die is volgens mij niet te vertrouwen”, hoor ik uit een open raam boven me. “Loop jij maar snel door!”. Uiteindelijk blijft het deze avond rustig in de wijk. Elders in Den Haag worden diverse aanhoudingen verricht, maar in Duindorp geen één.

Ik zal de rellen niet goed praten, maar ik snap ze wel. Ik heb diverse jaren de vreugdevuren en hun opbouw gefotografeerd en iedere keer zag je de gemeenschapszin, de verbroedering. Iedereen die samenkwam op dagen waar maanden voorbereiding aan vooraf waren gegaan. Duindorpers zijn geen tokkies, wel een gesloten gemeenschap waar traditie hoog in het vaandel staat en het adagium ‘voor wat hoort wat’ op de tegeltjes pronkt. Als je als gemeentebestuur daaraan voorbij gaat en alleen maar neemt zonder te geven, dan slaat de vlam in de pan en zal de vis uiteindelijk duur worden betaald.

Snackcar Melissa vernield in Duindorp
Snackcar Melissa verwoest door brand

Bushalte Tesselseplein vernield in Duindorp
Het bushokje op het Tesselseplein in gruzelementen

Taxatie van schade in Pnielkerk Duindorp
Inspectie na brand in de Pniëlkerk, die op het punt stond gesloopt te worden

Gemeentebord vernield aan Houtrustweg Duindorp
Een gemeentebord aan diggelen op de Houtrustweg

Politie controleer toegangswegen Duindorp
Politie voert controles uit bij de toegangswegen tot het dorp

Brandjes in Duindorp
Een klein straatbrandje

Afvalbakken in brand in Pluvierstraat Duindorp
In de Pluvierstraat worden opnieuw afvalcontainers in brand gestoken

Showtime

“Het landschap steelt de show in de allermooiste fotoboeken van het jaar”, kopte de Volkskrant afgelopen week. Dat was leuk om te lezen voor deze fotografe die graag met haar camera door het groen en langs de kustlijn trekt. En alsof het zo moest zijn, werd onlangs ook een landschapsfotografe uitgeroepen tot kunstenaar van het jaar 2020: de Drentse Saskia Boelsums die in oktober haar indrukwekkende boek ‘Landscape Photograhpy‘ uitbracht en internationaal hoge ogen gooit met haar fotografie in de stijl van de oude meesters.
Het is niet moeilijk om een mooie landschaps- of natuurfoto te maken. Met goed licht en een goed standpunt lukt dat iedereen. Het internet staat er vol mee. De kunst is een foto te nemen die origineel is, die opvalt in de massa, die verrast of ontroert. Boelsums kan dat heel goed. En ik werk er hard aan dat ook te kunnen. “Ik vind jouw herfstfoto’s echt bijzonder”, fluisterde vriendin M., een niet onverdienstelijk fotografe, me onlangs in. “Ik weet gewoon niet hoe je dat doet. Als ik in het bos loop zie ik alleen maar bomen en niks interessants. Jij ziet dingen echt anders.”
Tja, het bos in de herfst. Wat was het mooi dit jaar! Elke middagpauze ben ik even het Haagse Bos ingesneakt. De kleuren waren overweldigend. Het lage licht ook. Ik kan me niet herinneren dat ik eerder zo’n mooie, lange herfst heb meegemaakt met zoveel tinten oranje en bruin. Een cadeautje waren de foto’s. Met een strikje eromheen staan ze opgeslagen op mijn harde schijf. Voor het allermooiste fotoboek. Ergens. Ooit.